Een waskast moet passen. Niet ‘ongeveer’, maar op de centimeter. Goed nieuws: opmeten kost je vijf minuten en een rolmeter.
1. Meet de breedte op drie hoogtes
Muren zijn zelden helemaal recht. Meet daarom de breedte onderaan, halverwege en bovenaan, en ga uit van de kleinste maat. Past de kast daar, dan past hij overal.
2. Meet de hoogte tot het plafond
Onze kasten zijn 225 cm hoog. Meet vanaf de vloer tot het plafond, en let op schuine plafonds, balken en een verlaagd plafond. Hoe hoger je kunt gaan, hoe meer opbergruimte je krijgt.
3. Reken met de diepte
De kasten zijn 68,8 cm diep. Houd er rekening mee dat er voor de kast genoeg ruimte moet blijven om de deuren en de lades te openen en om met een wasmand te lopen.
4. Kijk naar stopcontacten, kranen en afvoer
Waar zitten de aansluitingen van je wasmachine en droger? Noteer de plek van stopcontacten, de waterkraan en de afvoer. Zo weet je of alles netjes achter de kast kan verdwijnen.
5. Meet je apparaten
Noteer de breedte, hoogte en diepte van je wasmachine en droger, inclusief slangen en stekker. Heb je nog geen apparaten gekozen? Dan weet je nu in elk geval hoeveel ruimte je hebt.
Welke breedte past?
Onze kasten zijn er in vier breedtes: 129,2 cm, 193,8 cm, 258,4 cm en 323 cm. Heb je je maten? Vul ze in bij onze Keuzehulp en je ziet direct welke kasten passen.
Past niets precies, of twijfel je over een lastige ruimte? Wij meten graag met je mee en denken met je mee over een oplossing op maat. Neem contact met ons op.
Verrijk je ruimte.